In een tijd lang vervlogen, tussen Noord Sleen, Benneveld en Zweeloo, bevond zich een verstopt juweel van een buurtschap genaamd “Engelhaar.” Ergens ter hoogte van de Haarmaatsdijk, lag dit kleine gemeenschapje verscholen achter natuurlijke verhogingen in het landschap, bekend als ‘Haar,’ en uitgestrekte graslanden nabij waterlopen, genaamd ‘Maat.’ Het was een plek diep geworteld in de geschiedenis, maar vandaag de dag is er geen spoor meer van dit eens levendige stukje land.

Om het bestaan van Engelhaar te bewijzen, moeten we teruggaan naar het einde van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw, naar de geboorteaktes van de toenmalige gemeente Sleen. Op 4 maart 1887 werd Hendrik Doek geboren te Engelhaar, gevolgd door de geboorte van Henderikus Roeles op 27 december 1887. Deze oude documenten zijn als verloren schatten die ons herinneren aan de gemeenschap die ooit bloeide te midden van de Drentse natuurpracht.

De geboorteaktes zijn echter niet de enige getuigen van Engelhaar. In 1880 werd een boerenbehuizing te Engelhaar, gemeente Sleen, verkocht door niemand minder dan de heer Kamps uit Sleen. Deze transactie, genoteerd in archieven van lang vervlogen tijden, levert overtuigend bewijs van het bestaan van deze vergeten buurtschap. De akte van verkoop vertelt het verhaal van een boerengemeenschap die haar dagen sleet te midden van de landerijen, omgeven door de rustieke charme van het Drentse landschap.

In Engelhaar vonden geboortes plaats, werden eigendommen overgedragen en leefden gemeenschappen in harmonie met de natuurlijke omgeving. Toch is het buurtschap langzaam verdwenen uit het collectieve geheugen. Nu, in de moderne tijd, blijft alleen de echo van deze verloren gegane buurtschap hangen in de historische documenten en aktes die haar bestaan ooit bevestigden.

Misschien ligt ergens tussen de vergetelheid en de stille velden van Noord Sleen, Benneveld en Zweeloo nog steeds een zachte herinnering aan Engelhaar, een buurtschap dat ooit deel uitmaakte van de levende geschiedenis van Drenthe.