In de schilderachtige landelijke omgeving van Gees, Oosterhesselen en Wachtum, waar de wind door de takken van eeuwenoude bomen fluisterde en de geur van houtvuur de lucht vulde, werd jaarlijks op 22 februari het eeuwenoude ritueel van het Sint Pietersbalslaan gevierd. Het was een tijd waarin de gemeenschap samenkwam om het einde van de winter te markeren en de lente te verwelkomen.

Het verhaal van het Sint Pietersbalslaan begon lang geleden, gehuld in de nevelen van de geschiedenis. Men zegt dat de oorsprong ervan verband hield met de Sint Pietersproostdij uit Utrecht, die in die tijd eigendommen in de omgeving bezat. Kanunniken van de Sint Pieterskerk reisden door het land om belastingen te innen, en het gebied rond Gees, Oosterhesselen en Wachtum was geen uitzondering. Ze doorkruisten het landschap, gebruikmakend van voorde, zoals het legendarische Pietersgat, een ondiepe doorgang door het Drostendiep.

Het balslaan zelf was ooit een ritueel dat vrijgezelle jongeren met opgewonden verwachtingen vervulde. Het was een traditie waarbij jonge mannen en vrouwen, die sinds de vorige Sint Pieter in het huwelijksbootje waren gestapt, symbolisch afscheid namen van hun vrijgezellentijd. Met een eenvoudige kaatsbal en een plankje of stuk hout sloegen ze de bal weg, richting waterplas of sloot, terwijl de vrijgezellen probeerden deze te vangen. Het was een spel doordrenkt met traditie en symboliek, waarbij de overgang naar het huwelijk werd gemarkeerd door de splash van water en de echo’s van gelach.

Het was ook een tijd van voorspellingen en symbolen. Het overhandigen van het plankje aan een vrijgezel, en de acceptatie ervan, werd beschouwd als een teken dat het huwelijk binnen het jaar zou plaatsvinden. Weigerde de vrijgezel het plankje, dan werd hij of zij met de bijnaam “doestcobbe” bestempeld, een label dat sommigen hun leven lang met zich meedroegen.

Naarmate de tijd verstreek, evolueerde het ritueel. Tegen het begin van de 20e eeuw vierde de schooljeugd het feest, terwijl de volwassenen de traditie langzaam loslieten. Op de dag van Sint Pieter kregen de kinderen vrij van school en trokken ze door het dorp, zingend hun lied en verzamelend wat lekkers dat de jonge getrouwden voor hen hadden achtergelaten.

Maar zoals veel oude tradities, vervaagde ook het Sint Pietersbalslaan langzaam in de nevelen van de tijd. De herinneringen eraan leven voort in de verhalen van ouderen en de geschiedenisboeken, als een eerbetoon aan een tijd waarin eenvoudige rituelen en gemeenschapsbijeenkomsten de rijke weefsels van het dorpsleven vormden. En hoewel de bal niet meer wordt geslagen, blijft het erfgoed van het Sint Pietersbalslaan voortleven in de harten en geesten van de mensen van Gees, Oosterhesselen en Wachtum, als een herinnering aan een tijd van samenhorigheid en viering.