In de vroege ochtendnevel van het jaar 1597, te midden van strategische overwegingen en militaire plannen, begon een bijzondere episode in de geschiedenis van het noorden van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Het gebied, doordrenkt van ontoegankelijke venen en moerassen, diende als een natuurlijke barrière tegen vijandelijke troepen. De Staten-Generaal, bezorgd over mogelijke Munsterse invallen, besloten tot de creatie van een verdedigingsstelsel dat de drie noordelijke provincies zou afschermen en beschermen.

De ingenieurs van die tijd stonden voor een uitdaging die de grenzen van hun technologische en bouwkundige kennis zou testen. Riviertjes die door het gebied slingerden, werden afgedamd om overstromingen te bewerkstelligen, terwijl zorgvuldig geplaatste schansen en versterkingen werden gebouwd om de zandrug te beschermen. Dit ambitieuze plan, bekend als de Heeren- of Leidijk, moest de noordelijke grenzen van de Republiek beveiligen tegen elke dreiging.

Eeuwen later, in 1688, werd de Heeren- of Leidijk fysiek aangelegd, een strategisch-militaire dijk die zich uitstrekte van Den Hool, via Veenoord en Den Oever, langs Foxel tot uiteindelijk Bourtange. Deze dijk fungeerde niet alleen als een verdedigingslinie maar diende ook als een belangrijke weg voor transport en communicatie tussen de vestigingen.

In de loop der jaren kreeg de veenregio, waar later Nieuw Amsterdam-Veenoord zou ontstaan, een dualiteit van functies: militair bolwerk en vruchtbaar gebied. De veenontginningen brachten een nieuwe dynamiek met zich mee, waarbij het veen niet alleen als een strategische barrière, maar ook als een waardevolle bron van rijkdom werd beschouwd.

Tegen het midden van de 19e eeuw, in 1850, werd de eens zo belangrijke verdedigingslinie officieel opgeheven. De dreigingen waren veranderd, en de strategische waarde van de Heeren- of Leidijk was verminderd. Toch bleven de sporen van deze historische periode bewaard in de vorm van de Herendijk, een overblijfsel van de eens zo machtige militaire dijk die het noorden van de Republiek beschermde.

Vandaag de dag vertellen de wegen Herendijk in Nieuw-Amsterdam, Foxel in Foxel, en Maatschappijweg in Emmer-Compascuum het verhaal van een tijdperk waarin de kracht van water, gecombineerd met menselijke inspanningen, de grenzen van de Republiek veilig stelde en tegelijkertijd de vruchtbare grond opende voor nieuwe nederzettingen en ontwikkelingen. Het is een herinnering aan een tijd waarin de strijd om het land werd gevoerd met dijken en schansen, een tijd die de contouren van de huidige regio nog steeds beïnvloedt.